|
Het meesterteken
Sinds de Middeleeuwen komen op edelmetaal voorwerpen meestertekens voor. Het
meesterteken geeft aan wie de verantwoordelijke maker van het voorwerp af. Dit
teken wordt door de maker zelf op de voorwerpen aangebracht, voordat de
voorwerpen bij de Waarborg ter keuring worden aangeboden.

De maker (werkmeester)
is hiertoe wettelijk verplicht. Het meesterteken vertoont de beginletters van de
naam van de maker en een bijzonder onderscheidingsteken, zodat ieder
meesterteken verschillend is. Bij Goudsmid Gerard Hartzuiker zijn de
beginletters van zijn voornaam (G.A.) en achternaam (H) samengesmolten met
een ambachtshamer.
Gehalte tekens
Al meer dan zes eeuwen worden er op gouden en zilveren voorwerpen keurtekens
afgeslagen. Daarmee is dit een van de oudste vormen van consumentenbescherming.
Zelfs een wettelijke bescherming, want de Waarborgwet 1986 garandeert dat een
voorwerp met volgens de wet vastgestelde keurtekens het juiste gehalte aan
platina, goud of zilver bevat.
Ieder platina, gouden of zilveren voorwerp dat in Nederland wordt verhandeld
moet voorzien zijn van een geldig keurteken. Bovendien mogen de woorden platina,
goud, zilver, edelmetaal niet worden gebruikt voor voorwerpen, die niet aan het
laagste wettelijke gehalte voldoen.
De koper van voorwerpen van platina, goud en zilver is dus goed beschermd. Let
bij aankoop van het voorwerp op de aanwezigheid van keurtekens : het is uw
waarborg!
Waar kan ik de
wettelijke keurtekens terugvinden op de voorwerpen:
De plaats waar de wettelijke keurtekens in de
voorwerpen worden aangebracht, kan door de ondernemer worden aangegeven.
Indien deze plaats stempeltechnisch niet mogelijk is, wordt in overleg met
de ondernemer een geschikte plaats vastgesteld.
Indien er geen afspraak is met de ondernemer over de plaats van stempeling,
worden de volgende algemene richtlijnen aangehouden:
Ringen:
-
binnenlandse ringen: naast het meesterteken
-
import ringen: ter hoogte van "4.00 uur"
-
relatieringen: binnenin naast de fabriekstekens
-
holle ringen: op de zijkant bij de kop
Colliers/armbanden:
-
op het stempelplaatje, het
dichtgesoldeerde oog of op het lusoog
-
indien dit niet mogelijk is, op de eerste massieve schakel achter de
sluiting
Oorsieraden:
Broches:
Hangers:
Dasklemmen:
Horloges:

* Altijd in combinatie met een kantooraanduidend merk en een jaarletter, zie
grote voorwerpen
Voor een uitgebreide PDF versie klik
hier
Het ambacht
Vanaf de Middeleeuwen zijn er in Europa voor
vele ambachten regels en wetten opgesteld.
Vóór de Middeleeuwen werkten de goud- en zilversmeden meestal alleen voor kerken
en de adel.
Later waren ook de gegoede burgers in staat door de economische groei en
welvaart om sieraden en groot zilverwerk aan te schaffen.
De wetten en regels waren aan de ene kant ter bescherming van de ambachten,
zodat niet iedereen zich goudsmid of zilversmid mocht noemen. Maar tevens ter
bescherming van de consument want men kreeg een "garantie" van echtheid en
waarde betreffende de gekochte goederen door middel van het op de voorwerpen
aangebrachte meesterteken van de goud- of
zilversmid en het gehalteteken van de Waarborg.
Vanaf deze tijd was het een verplichting voor de goud- of zilversmid om een
meesterteken te hebben. Dit kon verkregen worden door een lange "leerweg". Men
ging bij de goudsmid "in de leer" om na veel praktijkervaring te komen tot het
"meester"schap. Met het aldus verworven unieke "meesterteken" mocht men
zelfgemaakte voorwerpen stempelen, laten keuren en verkopen.
Voor het ambacht is wat dit betreft weinig veranderd. Naast de reguliere
opleiding in Schoonhoven is het nog steeds mogelijk via de "leerweg"
en een
Staatsexamen het meesterteken te behalen.
Legeringen van edelmetaal
Zuiver platina, goud en zilver zijn te zacht om tot sieraden of
gebruiksvoorwerpen te worden verwerkt. Zij zouden veel te snel slijten of
verbuigen en daardoor onbruikbaar worden.
Deze zuivere edele metalen worden dan ook gemengd met andere metalen :
Platina met koper Geelgoud met koper en
zilver Witgoud met koper,
palladium of nikkel Zilver met koper.
En zo ontstaat dan een legering.
De hoeveelheid edelmetaal in zo'n legering noemt men het gehalte van de
legering. Het gehalte wordt aangeduid in gewichtsdelen zuiver edelmetaal
per 1000 gewichtsdelen legering. Zo wil 750 duizendste goud zeggen, dat op
1000 delen goudlegering 750 delen zuiver goud aanwezig zijn. Ook wordt voor
goud de oude aanduiding van karaat gebruikt (zuiver goud is 24 karaat).
Het vaststellen van de hoeveelheid edelmetaal in een legering kan
uitsluitend door middel van een scheikundig of natuurkundig onderzoek. De in de
Nederlandse Waarborgwet 1986 vastgestelde keurtekens geven aan, dat het voorwerp
op grond van deze wet en onder toezicht van de Minister van Economische Zaken is
onderzocht door de Waarborg
te Gouda.
Al onze sieraden
zijn voorzien van keurtekens. Een keurteken is uw zekerheid
dat u echt goud gekocht heeft. Zelfs een wettelijke
bescherming, want de Waarborgwet 1986 garandeert dat een
voorwerp met volgens de wet vastgestelde keurtekens het juiste
gehalte aan platina, goud of zilver bevat. Ieder platina,
gouden of zilveren voorwerp dat in Nederland wordt verhandeld,
moet voorzien zijn van een geldig keurteken.
Geschiedenis
Zilver werd al in 3000 jaar voor
Christus gewonnen, in een gebied langs de Eufraat in Egypte.
Later werd er veel zilver gevonden in mijnen die zich in
Spanje bevonden. Er kwam ook zilver in Klein-Azië en in
Griekenland voor. In het begin van de middeleeuwen werd er
zilver gewonnen in Midden-Europa (waaronder Duitsland en
Oostenrijk). Ongeveer 500 jaar geleden werd zilver per schip
vervoerd uit Midden- en Zuid-Amerika. Dit was een klus waar
heel wat risico aan verbonden was, want er waren altijd
zeerovers die het zilver (en goud) wel wilden veroveren.
De naam zilver is
afgeleid van silubar (oud-Saksisch), wat in het Oud-Duits
silbar werd en wat later silber werd. Het symbool Ag stamt af
van het Latijnse argentum, wat helder wit of wit blinkend
betekent.
Als men zilver
zegt, denkt men meteen aan zilveren sieraden. Toch wordt
zilver ook voor andere doeleinden gebruikt, 25% van de
wereldproductie wordt gebruikt voor de elektronica en 50 %
wordt gebruikt voor de foto-industrie. Van de overige 25 %
worden onder andere sieraden, medailles, bestek en munten
gemaakt. Zilver wordt ook gebruikt bij het maken van spiegels.
Als niet ontleedbare stof wordt het verder nog gebruikt in
bijvoorbeeld condensatoren, pigment in suikerwaren en
cosmetica, regelstaven in kernreactoren en in thermosflessen.
Als ontleedbare stof wordt het gebruikt in brandzalf (zilver
sulfadiazine), onuitwisbare inkt (AgNO3),
om te verzilveren (AgNO3)
enzovoort.
Zoals reeds
verteld is waar zilver vroeger werd gewonnen, wordt er nu ook
op meerdere plekken op de wereld zilver gewonnen. Natuurlijk
op de plekken waar het al gewonnen werd maar bijvoorbeeld ook
in Amerika, Ontario, Australië, Chili, China en Japan, en in Europese landen zoals in Polen, Zweden, Roemenië en
Italië. Zilver komt ook (meestal in kleine hoeveelheden) voor
in ertsen of mineralen waaruit goud, lood, koper en zink
worden gewonnen.
|